Projectomschrijving

2017 is een zeer belangrijk jaar voor Nico Kennes, want het is het jaar waarin hij het debuut van zijn geesteskind Barely Autumn uitbrengt. Tijd voor de tien Luminous Dash-vragen in de richting van Nico te sturen!

Welke rol speelt muziek in je leven?
Mijn allereerste herinnering op muziekvlak is dat ik als kleuter voor de cd-speler van mijn vader Free As A Bird van The Beatles mee aan het scanderen ben. Sinds mijn twaalfde kan ik mezelf min of meer muzikant noemen: eerst als drummer, daarna ook als songschrijver. Sindsdien heeft de muziek me nooit meer losgelaten. Bij veel van mijn vrienden werd muziek toch minder belangrijk naarmate ze ouder werden. Bij mij nam het belang alleen maar toe. Intussen ben ik het grootste deel van mijn wakkere bestaan met muziek bezig: hetzij voor dagjob als pop en rock-medewerker bij Kunstenpunt, hetzij met Barely Autumn.

Wat is de eerste plaat die je in je leven kocht. Niet liegen!
Dat moet Proud Like a God van Guano Apes geweest zijn, gevolgd door De Afrekening 23 met All The Small Things van Blink 182. Valt nog mee, toch?

Welke artiest of band heeft jou op het podium meest geïmponeerd?
Goh, “het meest”. Dat is moeilijk te zeggen. De passage van Gruppo di Pawlowski op Pukkelpop dit jaar was zelfs naar hun doen buitengewoon straf. Verder waren Trentemøller en Kevin Morby voor mij de hoogtepunten van Dour.  Andere vaste live-waarden zijn Sophia, Ty Segall, Venetian Snares, Strand of Oaks, PJ Harvey, … Zo kan ik eigenlijk nog wel even doorgaan.
Noem drie bands of artiesten van dit moment die we in het oog moeten houden.
Alex G: de indierocker uit Philadelphia, niet de popster. Heel puur en ongedwongen.
Francobollo: jammer genoeg gemist op Reeperbahn, maar nadien nog vaak opgelegd. Toegankelijke eigentijdse rock ’n’ roll uit Zweden/Londen.
En van eigen bodem: Slumberland, het nieuwe project van Jochem Baelus van Echo Beatty. Bijzonder straf en geheel onverwacht, aangetroffen tussen twee optredens door op de Mechelse Dijlefeesten. Veel knopjes en effecten, twee drummers (waaronder Alfredo van Flying Horseman): zeer fris.

Welke platenhoes vind jij de meest iconische?
Ik vertik het om The Velvet Underground & Nico of The Dark Side of the Moon te kiezen, want die zullen – terecht – nog wel vaker aan bod komen. Dus dan gaat het volgens mij tussen Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band en Unknown Pleasures.

Wat is volgens jou de meest ondergewaardeerde plaat ooit in jouw ogen?
Het titelloze debuut van Sunday Bell Ringers! En dat zeg ik niet omdat het bij Zeal uitkwam, want van Barely Autumn was toen nog geen sprake. Over het algemeen vrees ik dat er veel Belgische platen tussen de mazen van het net glippen, juist omdat er hier zo veel goede muziek gemaakt wordt. Vaak is die ook iets te edgy voor de (daytime) radio of om mee uit te pakken richting buitenland. Jammer dat die eigenheid soms een “doorbraak” in de weg loopt. En toch vind ik dat we koppig moeten volharden om niet te veel muzikale toegevingen te doen.

Wat is volgens jou de meest overgewaardeerde plaat in je ogen?
Het integrale oeuvre van Coldplay. En verder vind ik het een bijzonder jammerlijke evolutie dat hoe platter de beats, hoe repetitiever het deuntje en hoe zinlozer de lyrics, hoe groter de hit wordt. Maar allicht maakt dat van mij een muzieksnob.

Welke plaat doet jou wenen?
Elliott Smith van Elliott Smith.

Mocht jij voor 24 uur in de huid mogen kruipen van iemand anders, niet noodzakelijk een muzikant. Wie zou het zijn, en wat zou je dan doen?
Was ik voor één dag een overbetaalde topvoetballer, dan zou ik voor al mijn vrienden een decadent feest organiseren op één of andere jacht op de Bahamas. Braspartijen op poten waarbij iedereen zich amuseert is één van mijn dierbaarste hobby’s, maar gezien mijn artiestenloontje blijven die vaak beperkt tot de lokale bar-fauna en -flora. Verder zou ik ook wel eens een film willen maken en een boek willen schrijven. Maar dat komt er misschien ooit nog wel van.

Noem eens het meest genante moment uit je artiestenleven!
Met één van mijn vorige groepen speelden we ooit op het marktplein van ons geboortedorp. Tijdens de line-check sprong er een snaar van de gitarist, wat op zich geen probleem was, want hij had een tweede gitaar mee. Maar toen we het eerste nummer inzetten bleek ook nog eens dat de batterij van zijn element het had begeven. Dan maar met een goedkope geleende gitaar die onze rare stemmingen niet aankon het optreden aangevat, om vervolgens compleet uitgeregend te worden. Het hele plein liep leeg. Op een verdienstelijke tweede plaats: ooit in een café in West-Vlaanderen voor een éénmanspubliek gespeeld, namelijk de barman.

DIDIER BECU

Foto : Lara Gasparatto