Projectomschrijving

PIQUET – De Meute (Eigen Beheer)

Dadaïsme in het Nederlands, we zijn er gewoon verzot op. De grote voorbeelden komen natuurlijk uit de jaren 80: Arbeid Adelt!, Aroma Di Amore of de onvolprezen Madou. Maar ook vandaag wordt er nog waanzinnig veel muziek gemaakt waarin eigenzinnige elektronica en kleinkunst elkaar mooi weten te vinden. En tja, als we het dit soort muziekjes hebben dan bots je regelrecht op Piquet.

Zes jaar geleden opgemerkt tijdens de Limbomania en hoewel ze tot nu toe nog niet van de grote doorbraak hebben mogen proeven, was deze band rond Lien Morris altijd wel ergens te bespeuren. Na een paar undergroundhits (indien je smaak hebt zou je songs als Parkiet of Zijn We D’er Bijna? moeten kennen, mee zingen verwachten we niet), is er nu De Meute.

Piquet is een band die zeer veel aandacht aan klanken schenkt en dan zit je in Vlaanderen met een producer als Pascal Deweze op rozen.

Muziek die zowel qua structuur als teksten uit Absurdistan kan komen. Wel zonder dat het irritant, te ver gezocht of hoogmoedig overkomt. Alles zit juist in elkaar gevezen, ook al moeten de hoeken van de puzzelstukjes daar voor afgesneden worden.

Knip- en plakwerk zoals op de hoes waarop we Lien Moris op een Bengaalse tijger met gouden stralen zien zitten. Een frontvrouw die op zoek gaat naar het antwoord op de grote vragen in het leven. Dat de songs vatbaar zijn voor interpretatie is net zoals die antwoorden, ze zijn flexibel en hebben andere vragen als gevolg.

Muzikaal baadt Piquet in een vijver die gevoed is door elektronica, kleinkunst, wereldmuziek en de vuisten van de Riot Grrrl-beweging. Muziek die ook maar één compromis weigert te ondertekenen. De Meute zal zonder twijfel voor de nodige opgetrokken wenkbrauwen zorgen, maar dat maakt het niet minder fascinerend.

Kantdans, de opener, is een song vol gevaar. Dansen op een koord die iedere seconde kan los schieten. Icataurus is dan weer als een Oosterse dans die je van links naar rechts schudt, een achtbaan die je beter vermijdt, maar zo vel aantrekkingskracht heeft dat je d’er zo weer op zit.

Mijn(en) is een zoektocht in het doolhof van de emoties zonder dat je de uitgang vindt.

Laatste Indruk is dan weer de ontmoetingsplaat tussen het sprookjesachtige van een John Barry-score en het angstaanjagende surrealisme van Lynch. Het zijn allemaal vreemde (geslaagde) combinaties op deze plaat. Zachte violen die rechtlijnig tegenover de oerschreeuw staan: in King Kong hoor je het.

We weten ook niet wat L X B betekent. Lengte maal breedte? Of is het net alsof een Wire-song en dus een titel zonder betekenis is? We weten het niet, maar het voelt wel aan alsof je je loswrikt uit je eigen gebouwde cel.

In Tijdsdruk lijkt het dan weer alsof een fanfare een Bunuel-film binnenstapt en de toeschouwers tegen de muur smakt. Maf, maar wel geniaal maf.

De titeltrack De Meute eindigt de cd en laat ons achter met de onwetendheid waarmee we zijn begonnen. We zullen nooit weten wat er zich in de geest van Lien Moris afspeelt, maar het is aangenaam en fascinerend om er veertig minuten in rond te dwalen.

Facebook

Bandcamp