Projectomschrijving

SONS + BARBER RUFUS, Antwerpen, De Smoutpot 22/10/2017

Vertier verwachtte ons in De Smoutpot, een als schuur vermomd concertzaaltje op de polder tussen Zwijndrecht en Melsele, waar je de mestlucht net niet kan ruiken. Het is het decor bij uitstek voor bands die voorlopig nog in het ondergrondse ronddolen, maar dat niet lang meer van plan zijn. Twee beloftevolle groepen spelen er een thuismatch, en het is vooral SONS die hoge ogen gooit en wel eens de toekomst van de Vlaamse garagerock zou kunnen zijn, of toch minstens de nabije toekomst, want ze werden door Studio Brussel geselecteerd voor De Nieuwe Lichting, het lanceerplatform van onder meer Tamino en Equal Idiots. De vier jonge honden maakten een diepere indruk dan hun nochtans waardige voorprogramma en zelfs het gros van de Belgische gitaarbandjes van het moment – en dat heeft vooral met een boeiend kleurenpallet te maken.

Maar eerst Barber Rufus, een duo dat meteen aan Royal Blood doet denken, omwille van de formatie, de sound, en ook omdat de drummer zelf de geuzennaam “de Royal Blood van de Aldi” hanteert. De strakke rocksongs waren er inderdaad niet naast en dreven op een wijde, vlot verteerbare sound met vlijmscherpe riffs. Dat maakte het allemaal best catchy, haast meezingmateriaal. Af en toe leek de track te ‘haperen’, een trucje waar hun Engelse voorbeelden in uitblinken en dat evenzeer bij deze band werkte. Ondanks de gewonde rechterhand van zanger-gitarist Joris zette het duo een meer dan behoorlijke set neer, met een misschien wat langdradig slotnummer, dat op het einde weer helemaal goed werd gemaakt door krachtige drumsalvo’s.

Je vraagt je af hoe een band met nog geen 250 likes op Facebook door Studio Brussel wordt opgepikt. Het antwoord is kwaliteit – maar zeker ook een eigen karakteristieke sound, iets wat best moeilijk is bij het genre dat SONS beoefent en waar we tegenwoordig weer mee om de oren worden gekletst. Na de pauze trapten de vier zonen een erg opwindende set in gang, die gerust een pak langer mocht duren. Hun merk van garagerock heeft het humeur van pretpunk en een arsenaal aan wervelende gitaarsolo’s die uit de jaren tachtig leken te zijn geplukt, zonder evenwel het strakke ritme van de hoofdzakelijk up-tempo nummers te verslappen. Door beide gitaren ten volle te benutten, werd een brede sound opgezet, in schril contrast met de meer uitgeklede maagstompen van Equal Idiots en MOAR. Toch klonk SONS nog voldoende rammelend om hier en daar gevaarlijk uit de hoek te kunnen komen. Misschien werd er nog iets te veel gepronkt met een lichte overdaad aan gitaarsolo’s, hoewel dit eigenlijk nooit stoorde, en aan de onderhuidse harmonie werd zelden geraakt.

Tijdens hun korte set bleef de vaart erin, ondanks de interessante overgangen in best schizofrene nummers die leken te aarzelen tussen de mooipratende rockster met vetkuif en de vuile compromisloze punker. Zo baadde Ricochet in een speelse vibe waar het publiek duidelijk pap van lustte, getuige het vrouwelijke gejoel na afloop, terwijl de twee laatste nummers het moesten hebben van overstuurde gitaren en een instrumentale noisy opbouw naar een schreeuwerige climax. Afsluiter Do They See Me barstte inderdaad los in een feest van rauwe gitaarsolo’s om vervolgens als een op hol geslagen stier in rechte lijn af te stevenen op een verlossingskreet als uit Dantes hel.

Zo’n doordeweekse avond waarop je in Vlaamse velden een rockband kunt ontdekken waar je binnenkort niet meer naast kunt kijken. We wensen SONS een doorbraak toe, maar wel één die hun eigenheid niet aantast en de zin voor experiment alleen nog zal aanwakkeren. Tot op de festivals?

Gert Vanlerberghe

Sons Vi.be

Sons Facebook

Barber Rufus Vi.be

Barber Rufus Facebook